Updates

Reactie onder de loep

Afgelopen donderdag kwam de verpleegkundige beroepsvereniging V&VN met een reactie naar aanleiding van alle kritische vragen die zijn gesteld door de verpleegkundigen in het land. Het waren best veel woorden, dus ik wilde het even laten bezinken om te kijken wat ik er nou eigenlijk staat, als je verder kijkt dan de bovenste oppervlakte?

Mijn kortste samenvatting: het antwoord sluit niet echt aan op de vragen die steeds gesteld worden, en er blijkt ook niet uit dat er bijzonder goed geluisterd is. Waar ik dat op baseer? Een aantal citaten neem ik onder de loep – en de rest laat ik maar gewoon even liggen, anders wordt dit een oneindig lang stuk.

V&VN noemt de kritiek ‘onrust’. Dat is het niet; er zijn terechte en kritische vragen en daar komt geen antwoord op. Als je geen antwoord krijgt, dan gaan veel mensen vanzelf wat harder praten. Steeds harder; net zo lang tot iemand luistert. Soms helpt het niet en dan wordt het geluid lawaai, en dat lawaai wordt nu onrust genoemd. Het is geen onrust, het is een steeds hardere roep om eerlijke antwoorden.
Omdat V&VN de aanleiding – het uitblijven van antwoorden – weglaat, lijkt het net of de verpleegkundigen in het land onrustig zijn om onduidelijke redenen. Dat is niet terecht, weten we nu. Het is een harde roep om antwoorden, en hoe langer die uitblijven, hoe harder het lawaai zal zijn. Zo werkt dat nu eenmaal.

Daarnaast staat dat verpleegkundigen het onverteerbaar vinden ‘…dat hun jarenlange ervaring niet wordt erkend…’. Dat klopt. Dat vinden we niet alleen onverteerbaar; dat is het ook. Want er is door de jaren heen steeds gezegd dat het allemaal mee zou vallen en dat er naar meer dingen gekeken zou worden dan alleen naar opleiding, zoals V&VN directeur Sonja Kersten in dit artikel uit 2017 nog benadrukt:  ‘… is het een voorbarige conclusie dat alle inservice-opgeleiden automatisch worden ingedeeld op mbo-niveau…’ en  ‘…is geadviseerd om de deskundigheid van verpleegkundigen individueel te toetsen, en niet als groep, zoals bijvoorbeeld de inservice-opgeleiden’. Dat is nu precies wel gebeurd: inservice is als MBO geduid (en ook dat is niet terecht, maar dat is voor een andere keer).

V&VN zegt ‘…de zorgen zijn actief opgehaald…’ en ‘…we hebben jullie (-de verpleegkundigen-) voortdurend betrokken bij dit onderwerp…’ Zoveel ruis in één zinnetje.

Ten eerste: de beroepsgroep is niet actief betrokken. Er zijn ruim 180.000 verpleegkundigen in Nederland, en daarvan zijn er zo’n 30.000 lid van de vereniging. V&VN heeft alleen haar eigen leden betrokken. De rest niet; niet eens passief, laat staan actief. ‘Hadden ze maar lid moeten zijn’, hoor ik afgelopen weken regelmatig. Ik zie dat persoonlijk anders. Als je als beroepsvereniging je eigen meerwaarde duidelijk maakt, door bijvoorbeeld iedereen op een wet te wijzen, dan worden mensen vanzelf wel lid. De niet-leden hebben met terugwerkende kracht groot gelijk gekregen: V&VN kwam niet goed op voor onze belangen. Net zo goed was je geen lid geweest.

Ten tweede zijn de leden zelf ook niet goed betrokken. Verreweg de meeste verpleegkundigen zijn overvraagd en onderbetaald en velen zijn daarnaast nog mantelzorger. Dan is het nodig om met toeters en bellen te laten weten dat er iets heel belangrijks staat te gebeuren – een wetswijziging – en dan heb je als (betaalde) vereniging de gevolgen en voor- en nadelen in kaart te brengen, zodat iedereen een geïnformeerde keuze kan maken.

Mijn derde punt is eigenlijk een zelfreflectieve vraag: ‘…we hebben jullie voortdurend betrokken bij dit onderwerp…’ Hoor jij daar ook een verwijtende ondertoon ook, of ligt dat alleen aan mij? Het lijkt bijna alsof de schuld van dit alles bij de beroepsgroep gelegd wordt. Ik check het bij dezen, en hoor het graag even terug hoe het bij jullie overkomt. In mijn hoofd waren wij juist hard bezig om op de werkvloer alle gaten te dichten en betaalden we daarnaast V&VN om overstijgend goed op onze belangen te passen. Maar ik kan me vergissen, natuurlijk.

Er staan nog meer dingen die ik graag zou aanwijzen om de onderlaag op tafel te krijgen, maar ik zal me beperken tot een laatste punt:
We zullen het resultaat van deze gesprekken in een peiling aan onze leden voorleggen. Jullie hebben het laatste woord.’
Je leest het goed: er staat ‘de leden’. Niet ‘de verpleegkundigen’. Wordt nu weer de grootste groep buitengesloten?

En daarbij: de leden zeggen bij bosjes op momenteel, dus je kunt je afvragen hoe zuiver de mening van de overgebleven leden de hele beroepsgroep vertegenwoordigt. Een verhaal dat je niet lang meer vol kunt houden in Den Haag, volgens mij. En V&VN heeft echt wat goed te maken; het is tijd, V&VN, dat jullie over je eigen schuttinkje heen de hand gaat reiken; juist naar de mensen die geen lid zijn omdat ze zich op geen enkele manier herkennen in wat V&VN aan het doen is.

Naast de pijnlijke conclusie dat V&VN de kloof met de verpleegkundigen niet dicht, maar alleen een beetje toedekt met wat vage maar prachtige woorden, krijg ik inmiddels ook last van plaatsvervangende schaamte. Dit zijn bijna allemaal oud-verpleegkundigen!
Ik verwacht van mijn collega’s, of ze nou praktiserend zijn of niet, dat ze op zijn minst het verpleegkundig proces volgen. Dat houdt in dat je begint met het verzamelen van gegevens en het goed analyseren van het probleem. Daar ging het al mis, want hoe je het ook wendt of keert: in de situatie rondom Wet BIG II wordt, met alle goede bedoelingen, het grootste deel van de beroepsgroep nog steeds overgeslagen. Als je de beroepsgroep van 180.000 mensen vergeet mee te rekenen in je probleemanalyse dan ben je als (oud)verpleegkundige de basis van je vak verleerd en zul je ook nooit de juiste diagnose kunnen stellen.

Ik maak me zorgen over de patiëntveiligheid. Er zijn al zulke hoge tekorten dat de kwaliteit van zorg enorm onder druk staat. Het lijkt me verstandig om zorgvuldig met onze beroepsgroep om te gaan; elke verpleegkundige die het beroep verlaat is er één teveel.

V&VN stelt een pas op de plaats voor. Dat is een goede eerste stap; vanuit daar kunnen we kijken wat de beroepsgroep echt nodig heeft. Ik kan je al op een briefje geven dat ‘op de plaats’ niet genoeg zal zijn; dat we terug zullen moeten keren op de route om een andere weg te kiezen. Er zijn inmiddels zo’n 60.000 verpleegkundigen aangesloten bij de actiegroep Wet BIG II in de overgang, begreep ik, en er komen er elke dag bij. Laten we gebruik maken van die wakkere groep mensen om een plan te maken dat echt aansluit. Want we zijn hard nodig. En we willen echt ons werk blijven doen – zolang het gaat.

Ik ga voor de herkansing en bied mijn vragen nogmaals aan bij V&VN, want om een goede probleemanalyse te komen, heb ik eerst meer informatie nodig.
Wat die vragen ook al weer waren? Dat lees je hier.

Vond je dit interessant? Geef je op om onze reis te volgen! Dat kun je doen door links in de zijbalk of  in de pop-up je emailadres en je naam in te vullen (als je het bericht hebt weggeklikt, klik dan op een willekeurige blog om het weer te zien).

Als psychiatrisch verpleegkundige heeft Maartje Goverde de methode Interactiekracht ontwikkeld om mensen met ingewikkeld gedrag effectiever te kunnen steunen op hun reis naar een volwaardig leven. Inmiddels voert ze campagne voor een hoopvolle toekomst voor mensen die hun vertrouwen zijn verloren. Ze is bestuurder van Stichting Uitblinkers, welke is opgericht als onderdeel van haar expeditie naar een nieuwe manier van hulpverlenen, en liefst ook naar een nieuwe maatschappij; eentje waarin iedereen meetelt. Het boek ‘Interactiekracht’ is in de maak. In de loop van 2019 zal gestart worden met scholing en training van hulpverleners. Daarnaast coacht Maartje vanuit Interactiekracht ook professionals in de zorg, leidinggevenden en mantelzorgers. Maartje is te volgen via LinkedIn (Maartje Goverde ), twitter (@MaartjeGoverde), facebook (Interactiekracht) en via deze blog.

9 reacties op Reactie onder de loep

  • Peter

    Ook ik moest het ‘epistel’ even laten bezinken, het kwam immers bekend voor ..
    Het lijkt als 2 druppels op de teksten die managers plegen te maken om wat krom is recht te praten …
    In de psychologie is een leugen herkenbaar aan het aantal woorden dat gebruikt wordt, duidelijk lijkt me …

  • Henk Bakker

    Prima verhaal, je slaat de spijker op de kop.
    Ik ben heel bewust geen lid van V&VN. Professionalisering is prima maar doe het samen, daar slaat die club de plank volledig.

  • Maartje

    Dank! Heel fijn dat jullie even laten horen; dit leeft bij zovelen! terughoren steunt mij ook weer, dankjewel.

  • Erik

    Top geschreven, goede analyse. Ga zo door.

  • Ingrid Kooij

    Al vele jaren ben ik lid van V&VN.
    Geïnformeerd ben ik zeker niet rondom BIG 2.
    Zeker is er dus niet gevraag naar mijn mening en zienswijze, rondom het gehele “project”!

    Vele jaren geleden heb ervaren hetzelfde ervaren met de invoering van FUWAVAZ !
    Niet informeren = ook informeren!

    V&VN spreekt niet namens de beroepsgroep!
    Andere belangen spelen een rol.

    Ik heb mijn lidmaatschap beëindigd.

    • Maartje

      Hoi Ingrid,
      Herkenbaar! Inmiddels is mij duidelijk dat het om hele andere dingen gaat dan verbetering/ ontwikkeling van het vak. Die differentiatie gaan we wel uitkomen; de besluitvorming daarover hoort bij de beroepsgroep zelf; niet bij de wetgever. Die wettelijke verankering in BIG II moet voor mij echt van tafel.

      Wat ik heel, heel zorgelijk vind is dat het bedrijfsleven zich er mee bemoeit; op internationaal niveau. Dit heeft helemaal niets meer te maken met verpleegkundige beroep verbeteren. Google maar eens op Porter, of Frenetti. Ter illustratie ook deze link:
      https://www.linkedin.com/posts/fredavasse_nlinboston-activity-6561333894195609600-JCZ9

      Waarom is CEO van Frenetti Development, op een congres in Boston-USA, o, zo blij dat er in Nederland een wet wordt ingevoerd voor functiedifferentiatie onder verpleegkundigen? Heel zorgelijk.

      Ik hoop dat we ons als beroepsgroep niet teveel laten afleiden in een discussie over functiedifferentiatie; dat komt wel; eerst die wet van tafel. Bedrijfsleven heeft niks te zoeken in besluitvorming over verpleegkunde.

Reageren