Updates

Vertrouwen

‘Ik weet niet hoe ik dat moet doen!’, zei ze in een Twents accent en met grote ronde donkerbruine ogen die de wereld niet helemaal leken te begrijpen. Er klonk lichte paniek in haar stem.
Ymke was net van een andere organisatie afgekomen en haar vorige begeleiders hadden gezegd: ‘Vertrouw je nieuwe begeleiders maar gewoon, dan komt het wel goed’. Wat voor Ymke nogal een opdracht was. Waar ze er erg graag aan wilde voldoen, want haar grootste wens was dat het nu eindelijk eens een keer goed kwam met haar. Maar dat vertrouwen, dat was wel even een dingetje. Sterker nog, ze brak haar hoofd over het ‘hoe’. Oprecht een goede vraag, natuurlijk. Hoe kun je mensen vertrouwen die je nog niet kent?

Natuurlijk bedoelden de vorige begeleiders het helemaal prima. Het zou ook helpen als je je hulpverleners kon vertrouwen. Punt is dat niet iedereen dat kan. Onder andere omdat wij hulpverleners nu eenmaal niet allemaal altijd even betrouwbaar zijn, helaas. En mensen met ingewikkeld gedrag weten dat als geen ander. Naast ervaringsdeskundige in ingewikkeld gedrag, zijn ze namelijk vrijwel altijd ook ervaringsdeskundige in ondergaan van hulpverlening. Niet persé iets om jaloers op te zijn. Wel persé iets om rekening mee te houden. Want mensen die jaar in jaar uit in de GGZ- of jeugdhulpverlening hebben rondgehobbeld, hebben vaak weinig vertrouwen meer in ons hulpverlenend volk. Dat geldt in ieder geval voor de ervaren mensen-met-ingewikkeld-gedrag die ik de afgelopen 19 jaar ben tegen gekomen. En het opvallende is: hoe ingewikkelder het gedrag, hoe meer slechte ervaringen met hulpverleners. Maar misschien is dat ook weer niet zo heel gek.

Mijn persoonlijke theorie is dat mensen met ingewikkeld gedrag ook ingewikkeld gedrag oproepen bij hun omgeving. Ook bij hulpverleners. Gaat er een hulpontvanger overstuur, dan gaan negen van de tien hulpverleners ook overstuur. Niet dat die gaan gillen en schreeuwen en dreigen (uitzonderingen daargelaten). Nee, hulpverleners worden onopvallend ingewikkeld. Om een globaal beeld te schetsen: Ze voeren dan gesprekken achter de rug van de ander om; hoe ingewikkelder het gedrag, hoe meer gesprekken uit het zicht gevoerd worden. Ze leggen ook steeds meer nadruk op het gedrag van de ander en kunnen steeds minder naar zichzelf kijken. Ze bedenken strategieën waarmee ze de ander ineens overvallen. Ze stellen grenzen door onverwachts te verwijzen naar regels uit een oeroud handboek, die iedereen vergeten was, en pretenderen dat de ander op zijn vingers had kunnen nagaan dat deze zet zou komen. Ze praten in termen van stoornis en diagnose en symptomen en luisteren steeds minder naar wat de ander nu eigenlijk probeert te zeggen. Als een collega iets onbehoorlijks doet, wordt hem door de rest de hand boven het hoofd gehouden (aan ons lijf geen polonaise, namelijk). Zo valt de ander van de ene onplezierige verrassing in de andere. Niet direct iets waar gedrag makkelijker van wordt. En als het gedrag dan escaleert, nou, dan is dat voor hulpverleners vaak toch best een beetje het bewijs dat het echt allemaal aan de ander ligt. Die is tenslotte ‘gestoord’.

Dat is het verhaal dat ik mensen hoor vertellen. En sterker nog: het is ook wat ik de afgelopen jaren steeds opnieuw heb zien gebeuren. En nòg sterker: ik heb er zelf ooit ook aan meegedaan. Toen ik recht van school de acute psychiatrie in dook, middenin de gekte (van de hulpverlening) en dacht dat het zo wel zou horen. Helaas. (Alsnog excuses aan alle mensen die ik hiermee tekort hebt gedaan!). Dus ja. Eigenlijk zijn die mensen met ingewikkeld gedrag zo gek nog niet, als ze er aan twijfelen om de hulpverlening te vertrouwen.

Vandaar dat ik wel snapte waarom Ymke, met haar zestien levensjaren en acht jeugdGGZ-jaren achter de rug, zei dat ze niet zo goed wist hoe ze vertrouwen bij zichzelf af moest dwingen. Vandaar ook dat ik zei: ‘Dat gaat ook helemaal niet, want je weet nog helemaal niet of je ons kunt vertrouwen. Kijk eerst maar eens even de kat uit de boom’. En dat deed Ymke ook. Vol overgave, zoals ze alles vol overgave deed. Op afstand, heel voorzichtig en voetje voor voetje kwam Ymke met haar vertrouwen onze kant op geschuifeld. En werd daarin deze keer niet teleurgesteld. In ieder geval niet heel erg. Gelukkig maar.

Het mooie van mensen met ingewikkeld gedrag, hoe jong of oud ze ook zijn, is dat ze wel willen. Ik kan me niemand heugen die niet ergens diep van binnen toch het liefst had willen kunnen vertrouwen op de mensen die ’m probeerden te helpen. Ze willen wel. Ze willen echt. Ze hebben de hoop vaak opgegeven, durven er niet meer in te geloven. Maar onder de streep willen ze.

Dat is heel goed nieuws. Het betekent dat wij hulpverleners hen kunnen helpen. Mensen die willen, zijn te helpen. Dat is het mooie van alles. Waar een wil is, is een weg, zegt het gezegde. Wij mogen die weg zoeken. En eigenlijk is-ie er al. Hij heet: ‘Betrouwbaar zijn’. Als we zelf zorgen dat we oprecht en betrouwbaar zijn, ons beste beentje voor zetten, laten zien dat we bezig gaan met wat voor die ander belangrijk is, als we luisteren en eerlijk zijn, eerlijk zijn, eerlijk zijn. Eerlijk zijn met een klein beetje begrip voor die ander. Meer hoeven we niet te doen.

En het is al moeilijk zat. Want eerlijk zijn tegen en begrip hebben voor iemand die recht voor onze neus uit z’n plaat gaat, is niet onze natuurlijke reactie (anders reageerden we allang zo). Onze natuurlijke reactie is hard wegvluchten, of bevriezen, of vechten. Niet een luisterend oor bieden terwijl we ook nog eens op begripvolle wijze onze grenzen overeind proberen te houden.

Nu dan het echt goede nieuws: het is gewoon te trainen. Als wij dat willen, dan kunnen we onszelf trainen in eerlijkheid en begrip, ongeacht hoe heftig de ander (re)ageert. Het kost tijd en energie en doorzettingsvermogen. Maar het is te trainen. Als wij het maar zelf willen.

Want die ander, die wil wel.

# 40

 

Vond je dit interessant? Geef je op om Updates te ontvangen van nieuwe berichten! Dat kun je doen door aan de linkerkant je emailadres en je naam in te vullen.

Maartje Goverde is bestuurder van  Stichting Uitblinkers, een stichting waar mensen met psychiatrische- en gedragsproblemen ondersteuning krijgen. En waar al volgens de principes van Interactiekracht gewerkt wordt. Als psychiatrisch verpleegkundige heeft zij de methode Interactiekracht ontwikkeld om mensen met ‘ingewikkeld gedrag’ beter te kunnen helpen. Dit is ook waarom Stichting Uitblinkers is opgericht. Het boek ‘Interactiekracht’ komt in 2017 uit. In de loop van 2018 zal gestart worden met scholing en training van hulpverleners. Daarnaast coacht Maartje vanuit Interactiekracht ook zorgprofessionals en managers. Maartje is te volgen via LinkedIn (Maartje Goverde), twitter (@UitblinkersNL), facebook (Interactiekracht) en via deze blog.

 

 

 

 

Reageren